“Liefde is de hefboom voor de menselijke ziel”

Wat zou er gebeuren als je de nieuwste en beste wetenschappelijke inzichten over onderwijs inzet om taalvaardigheid van een kind te stimuleren?

Céline Alvarez kreeg toestemming van de Franse minister van Onderwijs om een drie jaar durend experiment uit te voeren in een klas met kinderen van 3 tot 5 jaar. De resultaten waren verbazingwekkend.

Het geheim

Wetenschappelijk onderzoek laat zien, dat er wonderen gebeuren als je bij onderwijs en opvoeding dit als je uitgangspunt neemt: kinderen zijn van nature erg leergierig en sociaal.

Om deze natuurlijke eigenschappen tot hun recht te laten komen, heeft een kind ontwikkeling van zijn zogenaamde executieve functies nodig. Dit gaat niet vanzelf. Het heeft hiervoor liefdevolle begeleiding en aanmoediging nodig op het moment dat het daar om vraagt.

Als aan deze en andere voorwaarden is voldaan, kan de verwondering beginnen. En de verbazing. Bij de volwassene. Niet bij het kind. Het kind weet niet beter dan dat dit de normaalste zaak van de wereld is. En lacht.

Het experiment

In 2011 startte Céline Alvarez met een driejarig experiment in een school in Gennevilliers, een kansarme plaats in Frankrijk, met steun van de minister van Onderwijs. Hij moedigde haar aan om samen met wetenschappers testen uit te voeren om de ontwikkeling van de kinderen te kunnen evalueren.

Bij het experiment maakte Alvarez gebruik van de nieuwste wetenschappelijke inzichten over onderwijs. Niettemin verrasten de resultaten wetenschappers en haarzelf, zo schrijft Céline Alvarez in haar boek, De natuurwetten van het kind:

“Al vanaf het eerste jaar waren de resultaten zo opmerkelijk, dat ze maar moeilijk te geloven waren zonder objectieve meting – althans, niet voor hen die de kinderen niet dagelijks zagen.”

Onmogelijk

Deskundigen waren vooraf sceptisch geweest:

“De experts hadden me gewaarschuwd dat het onmogelijk zou zijn om het eerste jaar al een positief effect te krijgen, daar was tijd voor nodig.

Toch zei het verslag van de testen al in juni van datzelfde schooljaar het tegenovergestelde: ‘Alle leerlingen, op één na, gaan sneller vooruit dan de norm, velen hebben een aanzienlijke vooruitgang geboekt. De leerling die niet vooruit is gegaan in vergelijking met de norm, is ook degene die in de loop van dat jaar het vaakst afwezig was.’

Sommige kinderen, die aan het begin van het schooljaar een achterstand van enkele maanden of zelfs enkele jaren hadden in vergelijking met de norm, hebben die norm niet alleen gehaald, maar op het vlak van bepaalde fundamentele cognitieve dimensies en competenties ook overschreden.”

Plezier

Maar dat vond Alvarez niet het opmerkelijkste:

“Het opvallendst was dat dit aanleren vooral met veel plezier, heel snel en heel gemakkelijk gebeurde.”

Onderstaande video geeft een indruk van de resultaten:

Classe maternelle, Gennevilliers: https://vimeo.com/76646609

Ouders van hun stuk gebracht

Ook opmerkelijk was de reactie van de ouders:

“Ook de ouders merkten grote veranderingen: de kinderen werden rustig, zelfstandig, ze hadden veel zelfdiscipline en zorgden ook spontaan voor andere kinderen, ze waren altijd bereid te helpen als dat nodig was. Hun relaties met anderen waren opmerkelijk rustiger geworden.

De getuigenissen die we filmden, spraken voor zich: ouders vertelden over hun aanvankelijke terughoudendheid en over hoe die houding veranderde naarmate hun kinderen veranderden. Allemaal stelden ze hetzelfde vast: hun kinderen waren rustig, leerden snel, vertrokken enthousiast naar school, waren ordelijk en zelfstandig, hun taalvaardigheid nam toe en ze lieten vooral een grote vrijgevigheid en empathie zien.

De ouders waren van hun stuk gebracht: hun kinderen keken minder televisie, wilden leren en broertjes en zusjes, neefjes en nichtjes helpen, ze wilden ook voortdurend lezen.

Ze waren hongerig, wilden weten en leren en dat zorgde soms voor onverwachte problemen: nu wilden ze plots bij elk bord op straat stilstaan om het te ontcijferen of wilden ze de hele tijd naar de plaatselijke bibliotheek om hun honger om elke avond een nieuw boek te lezen, te stillen.”

Bezoekende wetenschappers

Wetenschappers die kwamen kijken, bleken onder de indruk. Zo schreef een onderzoeker na een bezoek:

“De kinderen zijn vrolijk en werken geconcentreerd, ze zijn enthousiast, ze helpen elkaar informeel bij het leren en worden daarbij gestimuleerd door het pedagogische materiaal waarmee ze kunnen werken. De helft van hen kan al lezen, een of twee jaar voor ze naar het eerste leerjaar gaan. Ze kennen het begrip 10, de positionele notatie van getallen, het optellen met vier cijfers. Ik heb al herhaaldelijk gezegd dat het traditionele onderwijs het potentieel van kinderen onderschat – na mijn bezoek aan deze klas twijfel ik daar niet meer over.’”

Classe maternelle, Gennevilliers-web.jpg

Een andere wetenschapper zei:

“Ik heb in moeilijke wijken gewerkt, maar ik heb nooit gedacht dat dit mogelijk zou kunnen zijn.”

Hoe het begon

Céline Alvarez kreeg zin om iets nieuws te creëren, een soort school die niets meer te die niets te maken zou hebben met het huidige onderwijssysteem, zo zegt ze in een interview en was eerst van plan om in Haïti of Mozambique te beginnen maar ontdekte dat er grote problemen dichtbij huis waren. Ze was geschokt toen ze er achter kwam dat 40% van de kinderen in Frankrijk zonder voldoende basiskennis doorstroomt naar het middelbare onderwijs.

Bovendien ontdekte Alvarez dat onderzoek “heel duidelijk” laat zien dat ongelijkheid “al op heel jonge leeftijd opgebouwd en gevormd” wordt. Ze besluit om kleuterjuf te worden en dat eerst een jaar te zijn in een “geprivilegieerde wijk” in Neuilly-sur-Seine om daar te ontdekken dat daar dezelfde fouten gemaakt worden als in kansarme wijken: “kinderen worden onderschat en belemmerd in hun ontwikkeling.” Ze zegt daarover: “Toen ik dat doorhad, was ik niet meer te houden.”

De invulling

Alvarez ging in haar experiment als volgt te werk:

“De kinderen waren zelfstandig, ze mochten alleen of in kleine groepjes werken met het materiaal dat ze aangeboden kregen; ze mochten de hele dag vrij met elkaar werken en de activiteit die hen interesseerde, zoveel herhalen als ze wilden.”

Samengevat:

Het belangrijkste pedagogische principe van deze leef- en leeromgevingen was de begeleide en gestructureerde zelfstandigheid.

Presser une éponge-web.jpg

Cruciaal zijn daarbij de ontwikkeling van de executieve functies:

  • beheersen en concentreren,

  • onthouden van informatie gedurende een korte periode en

  • opmerken van eigen fouten, ze corrigeren en creatief handelen.

Alvarez citeert daarover in haar boek wetenschappers van Harvard:

“We hoeven ons niet te focussen op het onderwijs als we onze kinderen willen helpen om schoolse kennis te verwerven, maar we moeten inzetten op de ontwikkeling van de executieve vaardigheden, zodat de kinderen die kennis efficiënt kunnen verwerven.’”

Onderstaande video laat zien hoe Alvarez en haar collega te werk gingen:

Presser une éponge: https://vimeo.com/137976433

Het wonder van verbondenheid

Cruciaal was de verbinding met elkaar:

“We hebben er alles aan gedaan om de kinderen echt met elkaar te verbinden, hen te laten lachen, met elkaar te laten praten, zich uit te drukken, elkaar te helpen, samen te werken en samen te leven. Deze ‘sociale banden’ bleken een echte katalysator voor de ontplooiing en het leren.

Classe maternelle, Gennevilliers 2-web.jpg

De verwondering over de kracht van verbondenheid is bij Céline Alvarez groot:

“Ik was al overtuigd van de voordelen van menselijke verbondenheid voor we met het experiment in Gennevilliers begonnen, maar de kracht ervan had ik niet kunnen vermoeden: als alles in een leefomgeving zo is uitgedacht om voortdurend toe te werken naar positieve ontmoetingen, wederzijdse hulp, vertrouwen, begrip en empathie, voelen de kinderen zich verbonden met elkaar, helpen ze elkaar, werken ze samen, lachen en delen ze de hele dag door. Het was alsof wij in een andere wereld terechtgekomen waren, misschien een vreemde manier om het te verwoorden, maar ik kan niet anders. We herontdekten de mens, zijn ware aard, zijn echte capaciteiten.

Ik was meer dan verrast: ik stond met open mond te kijken naar de transformatie die de kinderen in onze klas doormaakten. Het leek wel alsof ze opbloeiden: hun cognitieve vaardigheden, hun geheugen, hun empathische en sociale vermogen, het plezier, het enthousiasme, de relationele en emotionele stabiliteit, de creativiteit en zelfs het vertrouwen in zichzelf (en in de ander).

De meeste kinderen die dat eerste jaar in ons klasje waren gestapt, hadden weinig vertrouwen, waren timide, durfden niet met een volwassene te praten, maar na een paar maanden al vertelden hun ouders hoe zelfzeker de kinderen waren geworden, hoeveel vertrouwen ze hadden in de anderen, hoe open ze waren en met hoeveel enthousiasme ze naar de wereld om hen heen keken. Nu moesten ze hen tegenhouden om niet enthousiast ‘Goeiedag!’ te roepen naar alle voorbijgangers. Hun humeur was gestabiliseerd, ze waren rustiger en gelukkiger.

Een mama, die ’s avonds laat werkte en die ik nog maar weinig aan de schoolpoort had gezien, kwam op een avond bij me langs toen ik mijn klas aan het opruimen was. ‘Wat heb je met mijn zoon gedaan? Ik herken hem niet meer. Hij is rustig, open, bedachtzaam, zelfstandig en vrijgevig. Hij helpt mij en zijn broertjes, hij praat netjes, hij let op wat hij zegt, wat heb je met hem gedaan? Vertel het mij’, zei ze me en ik hoorde de verbazing in haar stem.”

Elders in het boek zegt zij daarover:

“Als we niet luisteren naar de wetmatigheid die eist dat mensen zich ontwikkelen in verbondenheid, zetten we ons integraal op een empathisch dieet, maar ook op een cognitief dieet, een metabolisch dieet en een creatief dieet… We miskennen ons echte potentieel.”

Het belangrijkste

Er is iets wat Alvarez op de gevel van onze scholen zou willen zetten:

“Liefde is niet het eerste woord waar je aan denkt als het over leren gaat, en dat is verkeerd. Schreeuw het uit, schrijf het in grote letters op de gevels van onze scholen:

liefde is de hefboom voor de menselijke ziel.

Het ligt in onze aard om warme en hartelijke relaties met onze medemens uit te bouwen en als we gehoorzamen aan deze wetmatigheid van onze intelligentie, wordt alles mogelijk – nee, ik ben niet naïef of idealistisch. ‘Naïef’ zijn zij die in hun hart niet meer voelen wat zo overduidelijk is: oog voor elkaar, een uitgestoken hand, een glimlach, een empathisch gesprek en ons hele lichaam heelt, zowel geestelijk als lichamelijk.”

Ontmoedigd

Hoe waar dit is, ondervindt Alvarez aan den lijve als zij er over denkt, het experiment te beëindigen:

“Ik herinner me nog een week waarin ik heel gestresseerd was – ik had een paar keer uitgehuild op de schouder van Anna. De administratieve rompslomp maakte ons het leven moeilijk. De klas kon elk moment gesloten worden en we werden zo vaak verbaal bedreigd en vernederd door de inspectie, dat ik ernstig overwoog om een klacht in te dienen voor morele pesterij. Dat hadden de kinderen altijd meteen door en op die momenten gingen ze vaker naar Anna toe voor praktische details. Ze waren heel lief voor mij, pakten mijn hand vast of legden hun hoofd op mijn schouder.

Op een dag stond ik op het punt om de handdoek in de ring te gooien. Ik had geen energie meer, ik had alles op alles gezet om ons experiment ook het derde jaar te kunnen volmaken, zoals beloofd. Alle kwetsende commentaren hadden me ontmoedigd. Diep in gedachten verzonken zat ik bij een groepje kinderen dat aan het werk was, toen een van hen naast me kwam zitten en zijn arm om me heen sloeg: ‘Weet je, Céline, ik houd van je. Als je wilt, kun je met me praten.’ Zijn genegenheid gaf me zoveel troost, dat had ik niet verwacht. Ik gaf de jongen een dikke knuffel en bedankte hem. Nu had ik zelf kunnen ervaren wat empathische affectie, medeleven en oprechte liefde met je doen.

Ik denk dat ik mag zeggen dat liefde de hoeksteen was van ons geslaagde experiment in Gennevilliers. Ik ben er zeker van dat vertrouwen, empathie en geloof in het kunnen van de kinderen hun intelligentie, geheugen, humeur, gezondheid en sociale en morele kwaliteiten letterlijk in vuur en vlam hebben gezet. We hebben het niet kunnen meten met testen, maar ik ben er rotsvast van overtuigd.”

Wat we diep vanbinnen al weten

Aan het eind van haar boek herinnert Alvarez ons eraan wat een kind is:

“Ontdekkingen in de wetenschappen die de menselijke ontwikkeling bestuderen, zijn bijzonder boeiend. Ik ben al deze onderzoekers dan ook enorm dankbaar. Hun werk herinnert ons eraan – want weten we het diep vanbinnen niet al? – dat het kind een liefhebbend wezen is, een wezen met een goed hart dat op zoek gaat naar het juiste, dat houdt van alles wat goed is en de wenkbrauwen fronst bij het slechte. Kijk naar het kind en je zult zien dat het gemaakt is van liefde, plezier en empathie. Het wordt gedreven door menslievendheid, generositeit. Kinderen kruiden de wereld.

Samenvatting

Céline Alvarez vat het experiment samen in onderstaande TEDx toespraak met Engelstalige ondertiteling (handmatig in te schakelen):

Pour une refondation de l’école guidée par les enfants: Céline Alvarez at TEDxIsèreRiver

De kinderen

Het laatste woord is aan de kinderen :

Classe maternelle, Gennevilliers 2: https://vimeo.com/73171536

(Voor een betere leesbaarheid van de citaten uit het boek is soms de opmaak aangepast voor een weergave op het web, zoals vette opmaak, alinea’s en cursivering.)

genius

Meer informatie

voorkantboekceline.jpg

Gegevens boek:

  • Schrijver: Céline Alvarez

  • Titel: De natuurwetten van het kind

  • ISBN: 9789492626196

  • Uitgeverij: Horizon (geen winkel)

  • Prijs: € 22,50

Klik hier om deze gegevens te openen in nieuw venster en af te drukken (om mee te nemen naar de boekhandel)

Klik hier om deze gegevens met een QR-code scannen om te bewaren op je telefoon (om te laten zien in de boekhandel)

Céline Alvarez

Van de achterkant van het boek:

Céline Alvarez, taalkundige en leerkrachte, deed met haar experiment in een kleuterschool in Frankrijk veel stof opwaaien. Sinds 2014 deelt ze haar ervaringen via lezingen, video’s en interviews. Ontelbare leerkrachten, opvoeders én ouders lieten zich al inspireren door haar. Haar blog werd al door 1,7 miljoen mensen bekeken. In 2016 verscheen Les lois natureelles de l’enfent. Van dit boek werden in Frankrijk ondertussen al meer dan 200.000 exemplaren verkocht aan meer dan tien landen.

“Een echte revolutie voor alle ouders.” – ELLE

“Voor iedereen die wil dat onze kinderen intelligente, gecultiveerde en vooral stralende volwassenen worden.” – FRANCE DIMANCHE

“Met een aanstekelijke passie vertelt Céline Alvarez over het potentieel van kinderen.” – LE PARISIEN

“Spectaculaire resultaten.” – LE POINT

Blog Céline Alvarez

Les lois naturelles de l’enfant

https://www.celinealvarez.org/

Video

Blog:

Videokanaal Céline Alvarez Vimeo

Videokanaal Céline Alvarez YouTube

De eerste 40 pagina’s van het boek

De eerste pagina’s van het boek zijn te lezen via Boek.be.

Leesfragment

Een ander leesfragment is te lezen in een folder van L&M Books.

Citaten uit het boek

Over het onderwijssysteem:

Ons systeem legt zijn eigen wetten op, die van het kind worden onder de voet gelopen. Door op zo’n brute manier te werk te gaan, zorgt de school zelf voor problemen, die ze nadien met hervormingen probeert te corrigeren.

Over de kneedbare intelligentie van de mens:

Om de beste versie van zichzelf te kunnen worden, heeft het kind een liefhebbende omgeving nodig, een rijke en geordende omgeving vol energie, waarin het op ontdekking kan gaan en waarin ruimte is voor spontane activiteiten, waarin het andere kinderen kan leren kennen, een rustige omgeving ook met plaats voor bereidwillige interactie, hulp aan elkaar, empathie en generositeit.

(…) Moet de volwassene de ideale omgeving creëren waarin de ontwikkeling van het kind gevoed en gestimuleerd kan worden.

(…) En daarover gaat dit boek: de pedagogische en omgevingsinvarianten naar voren brengen die gunstig zijn voor het kind.

Over de kneedbaarheid van de hersenen:

Het is heel belangrijk dat onze hersenen nog niet volledig ontwikkeld zijn, want de mens is meer dan elk ander zoogdier in staat om te redeneren, dingen te bedenken en te creëren; hij innoveert voortdurend.

(…) Maar het is heel goed mogelijk dat hij daar nooit in slaagt, als zijn omgeving hem niet de ideale omstandigheden biedt om een dergelijke taal te ontwikkelen. Om daartoe in staat te zijn, moet zijn aangeboren aanleg voor taligheid tijdens de periode waarin de taal wordt gevormd (van de geboorte tot de leeftijd van drie jaar), gevoed worden met een rijk en gevarieerd taalbad.

Over empathie:

(…) Een recente Finse studie, The First Steps Study, bewijst dat de warme en empathische houding van de volwassene veel bepalender is voor het slagen op school dan pedagogische hulpmiddelen die gebruikt worden

Over verbondenheid:

Samenwerking, vrijgevigheid, menslievendheid, menselijke warmte zouden geen alternatieven of verleidelijke of ‘frisse’ opties mogen zijn. Deze waarden zouden de hoeksteen moeten zijn voor onze hele omgeving, die zich openstelt voor de mens en hem voluit laat bloeien. Over positieve verbondenheid met de ander zou niet onderhandeld moeten worden, ze is de sleutel om ieder mens afzonderlijk, maar ook de hele mensheid samen tot bloei te laten komen. Geen type onderwijs, geen handboek, geen school, geen didactisch materiaal, niets – maar dan ook niets – haalt het van de drang en de innerlijke kracht die ze opwekt: verbondenheid doet wonderen, doet ontluiken, innoveren, stelt geest en hart open.

We hoeven niet op zoek te gaan naar de zoveelste nieuwe pedagogische methode: de oplossing ligt voor de hand, ze is heel eenvoudig, maar we moeten onszelf wel in vraag durven stellen. We moeten de kinderen geven wat ze vragen, dat wil zeggen de vrijheid om actief te zijn binnen een rijke omgeving, waarin ze tussen elkaar en met ons kunnen leven, waarin een vertrouwensband opgebouwd kan worden en waarin oog is voor hen. Meer vraagt de menselijke geest niet. Kinderen worden echter vaak tot de orde geroepen: ‘Stop met tegen je vriendje te praten’, ‘Neen, je mag niet naast hem zitten, jullie lachen alleen maar’, ‘Niet helpen, laat het hem alleen proberen’… Vergelijk het met bloemetjes die we overal weg proberen te krijgen, maar die altijd weer met hun kopjes tussen de straatstenen tevoorschijn komen. Net zo proberen we met man en macht de sociale impulsen van de kinderen te verstikken, die in nochtans dorre omstandigheden naar boven komen. We vechten tegen de natuur en dat put ons uit – maar we zullen nooit als winnaar uit deze ongelijke strijd komen. Waarom lachen we niet samen met onze kinderen, bedenken we samen allerlei leuks, kibbelen we samen: haal eens diep adem, bewaar je energie en kijk naar de mooie film van het leven die zich voor je ogen afspeelt. Het is zo belangrijk om in te zien dat onze belangrijkste taak niet is om ‘iets te doen’ en een nieuwe ‘manier’ te bedenken; we moeten vooral niet in de weg gaan zitten en de innerlijke sturing en wetten die het kind drijven, respecteren. Onze rol als volwassene is in de eerste plaats om die geestdrift te herkennen en niet kort te sluiten.

Over liefde:

“Meteen na onze geboorte al gaan we op zoek naar een band met de ander en als dat contact verdwijnt, worden we wanhopig. Voor het sociale wezen dat net op de wereld is gezet, is liefde geen optie; liefde is levensnoodzakelijk.

Over de liefde bij de kinderen:

Onze liefhebbende, steunende houding en ons vertrouwen werden snel overgenomen door de kinderen. Al in de loop van de eerste weken was ik verbaasd dat ik sommige kinderen ons gedrag en onze manier van spreken zag overnemen. Wanneer een kind verdrietig of zelfs boos – en dus helemaal niet genietbaar – was, was er altijd wel een klasgenootje in de buurt dat het kind bij de hand nam en zei: ‘Wat is er? Ben je boos? Ben je verdrietig?’ Ze kopieerden ons gedrag, maakten het zich eigen en voegden er hun eigen creativiteit en intelligentie aan toe. ‘Je ziet er verdrietig uit,’ zeiden sommige kinderen tegen een ouder klasgenootje dat niet goed in zijn vel zat, ‘wat gaat er niet?’ En als het klasgenootje niet antwoordde, gaven ze niet op: ‘Blijf maar even bij mij als je wilt.’ Maar meestal kwam het verdrietige kind met een verklaring: het vertelde wat er was gebeurd. Daarna probeerden ze samen een oplossing te vinden. Anna en ik waren hier echt door geraakt toen we het voor het eerst zagen.”

“Waarom zou je een jongetje van drie niet leren lezen?”

De Standaard/Het Belang van Limburg, 20/22 mei 2017:

“Het is een grove fout om te denken dat je “op hun eigen niveau” tegen kinderen moet spreken. Ook de kinderen die thuis geen Frans spraken, voelden zich uitgedaagd om al die nieuwe, moeilijke woorden en lange zinnen te leren.”

“Als je kinderen per leeftijd isoleert, gaan ze zich onderling vergelijken. Voeg je er een puntensysteem aan toe, dan wordt die vergelijking giftig voor hun hersenen.”

“We duwen onze jongeren allemaal door dezelfde mal, terwijl er zoveel verschillende soorten mensen bestaan. l’Etre humain est pluriel. Het kan toch niet dat al die jongeren die de school verlaten zonder diploma en die moeten overzitten allemaal dommeriken zijn? Niet zij, maar het onderwijs moet radicaal veranderen.

“De nieuwe minister van Onderwijs in Frankrijk, Jean-Michel Blanquer, is de man die in 2011 toelating gegeven heeft voor mijn experiment. Hij was toen de baas van het nationaal onderwijs. Hij kan de vernieuwing nog meer wind in de zeilen geven. Een excellente keuze dus van president Macron.”

Les-lois-naturelles-de-l-enfant.jpg

Overzicht media (Franstalig)

https://www.celinealvarez.org/presse

http://www.arenes.fr/livre/lois-naturelles-de-lenfant/